Recent Nieuws
Laatste ontwikkelingen rondom de Garantiewaarborg
- 15 januari 2026
- De Garantiewaarborg
Definitief Gestopt met het Aanbieden van Garantie- en Waarborgregelingen
Met ingang van 1 januari 2026 zijn wij definitief gestopt met het aanbieden van -de mede op de GIW gebaseerde- aloude garantie- en waarborgregelingen. Oorzaak is gelegen in een zich al jaren voortslepend dispuut met de toezichthouder, De Nederlandsche Bank (DNB).
Vanaf de introductie van deze dienstverlening in 1985, nadien in 2003 en 2004 is door de toezichthouder vastgesteld dat er voor deze activiteiten geen vergunningplicht ex Wtv-1993 geldt. Bij ongewijzigde wetgeving heeft de toezichthouder in 2005 anders beslist en is op handhaving aangestuurd. Bij de invoering van de Wet op het financieel toezicht (Wft) per 1 januari 2007 is in artikel 3.6 een bijzonder regime voor waarborg- en garantiefondsen opgenomen, voor zover er hier sprake zou zijn van ‘verzekeren’. In 2005 heeft DNB onder de Wtv-1993 vastgesteld dat bouwgarantiefondsen ‘verzekeren’, wat de start van een complexe discussie tot gevolg betekende.
Omdat bij DNB intern ook andere geluiden naar buiten kwamen, bijv. ‘dat men fout zat met dit oordeel en toch op de ingeslagen weg verder zou gaan’ heeft ertoe geleid om DNB nogmaals te verzoeken een vrijstelling/ verklaring ex artikel 3:6 Wft af te geven. Volgens DNB niet-toepasbaar en daarmee een zinledig artikel in de Wft, dus geen oplossing. DNB blijft erbij dat de relatie tussen de Stichting en de bouwondernemer als een ‘verzekeringsovereenkomst’ moet worden gezien en de garantie- en waarborgregeling een ‘verzekering’ is waarvoor ex artikel 2.27 lid 4 Wft een vergunningplicht geldt.
Daarmee is de discrepantie tussen verzekeringsrecht, bouwrecht, privaatrecht en publiek recht compleet en kan er op geen enkele wijze worden voldaan aan de wijziging van artikel 7.765a (zekerheidstelling) zoals geldt als wijziging BW na invoering van de Wet Kwaliteitsborging Bouw (Wkb).
Afgelopen jaren hebben wij DNB bij voortduring geïnformeerd over:
- Jurisprudentie;
- Gewezen op stellingen van hoogleraren verzekeringsrecht;
- De F&Q’s uitgaven van DNB over ‘garantie’;
- De BOVAG- garantie eerst een ‘verzekering ‘ en dan weer niet.
Daarbij is naar voren gekomen dat er geen sprake is van ‘verzekeren’ als de dienstverlening een bescheiden onderdeel uitmaakt van de hoofovereenkomst, bijv. de ‘aanneming van werk’, maar ook deze uitleg blijkt, volgens DNB, niet voor de ‘bouw’ te gelden.
De gevolgen van de blijvende onduidelijkheid voor de ‘bouwmarkt’ worden steeds meer duidelijk, voor ons reden om opnieuw met DNB in conclaaf te gaan. Voor een ‘verzekering’ is er volgens de Wet op het Belastingverkeer assurantiebelasting verschuldigd en is er geen sprake meer van -voor de bouwondernemer- verrekenbare Btw. Het valt niet uit te sluiten dat de Belastingdienst op naheffing aanstuurt.
Daarbij komt dat de AFM in de achterliggende periode aan ons kenbaar heeft gemaakt om- in de lijn van DNB- de bouwondernemer als ‘bemiddelaar’ in verzekeringen te beschouwen waarvoor een AFM-vergunning noodzakelijk is, en bij gebreke hiervan er hoge boetes kunnen worden opgelegd. Het lijkt ons niet aannemelijk dat er een bouwondernemer is te vinden die beschikt over een assurantiediploma. Al met al een gordiaanse knoop die maar moeilijk te ontwarren is.
Medio 2024 heeft er met DNB een bespreking plaatsgevonden waarin nadrukkelijk verzocht en gezocht is naar een oplossing die de ontstaande problematiek zou kunnen wegnemen. Het indienen van een verzoek aan DNB tot het nemen van een reikwijdtebesluit over ‘verzekeren’ zou de oplossing binnen handbereik kunnen brengen.
Eind vorig jaar heeft DNB dit verzoek gehonoreerd met als resultaat wederom een vergunningplicht die op grond van lacuneuze wetgeving niet verleend kan worden. Onduidelijk blijft voor ons wat de beweegreden van DNB zijn. De vergunningplicht is uiterst discutabel en arbitrair. Er lijkt daardoor geen oplossing voor de bouwmarkt in zicht.
Voor ons de reden om ‘dienstverlening en certificering’ definitief te beëindigen en ons geheel te richten op de activiteiten als instrument aanbieder onder de WkB waarmee wij kwaliteitsborgers toegang verlenen tot het Stelsel van kwaliteitsborging voor de bouw. De toelatingsorganisatie Kwaliteitsborging Bouw (TloKB) heeft hiertoe op 14 oktober 2022 onder het nr. INS-4001 een vergunning/ beschikking verleend. Sinds de invoering van de Wkb per 1 januari 2024 heb een aantal kwaliteitsborger zich bij ons ingeschreven en zijn er al vele projecten (wettelijk verplicht voor Gevolgklasse1) onder het Instrument-KGW gerealiseerd. (www.instrument-kgw.nl)
Lochem, 31 december 2025.
